Willen jij en je partner allebei verzekerd zijn, dan kun je kiezen: één polis op twee levens, of twee losse polissen. Het premieverschil is klein, maar de dekking verschilt wezenlijk.
Eén polis op twee levens
Bij een verzekering op twee levens keert de polis uit zodra één van jullie beiden overlijdt. Daarna stopt de verzekering: de langstlevende is niet meer verzekerd. Overlijden jullie tegelijk, bijvoorbeeld door een ongeval, dan keert de polis maar één keer uit.
Twee losse polissen
Bij twee aparte polissen is ieder van jullie zelfstandig verzekerd:
- Overlijdt één van jullie, dan keert die polis uit en blijft de andere polis gewoon doorlopen. De langstlevende blijft dus verzekerd voor diens eigen nabestaanden of kinderen.
- Overlijden jullie tegelijk, dan keren beide polissen uit. Voor kinderen die alleen achterblijven is dat een wezenlijk verschil.
- Je kunt de dekking per persoon afstemmen: een ander bedrag of een andere looptijd voor jou dan voor je partner, bijvoorbeeld omdat jullie inkomens verschillen.
Wat kost het extra?
Minder dan je zou denken. Twee losse polissen zijn samen meestal maar iets duurder dan één polis op twee levens, omdat het risico dat de verzekeraar loopt vrijwel gelijk is. Voor dat kleine verschil krijg je dus een dubbele en flexibelere dekking.
Kruislings afsluiten tegen erfbelasting
Sluiten jullie twee polissen af, doe het dan meteen kruislings: jij bent verzekeringnemer en premiebetaler op het leven van je partner, en andersom. Bij overlijden is de uitkering dan vaak vrij van erfbelasting. Hoe dat precies werkt lees je in zo voorkom je erfbelasting.