Sinds 2017 ontvangen de eerste klanten een variabel pensioen. Daardoor kunnen we laten zien wat het in de praktijk heeft opgeleverd. In dit artikel volgen we een echte klant van 2017 tot en met 2023.
Het uitgangspunt
Deze klant bracht in 2017 een pensioenkapitaal van € 200.000 onder in het offensieve profiel. Hij had toen kunnen kiezen voor een vaste uitkering van € 687,08 per maand, levenslang. Hij koos voor een variabel pensioen: de startuitkering lag hoger en eventuele dalingen kon hij financieel opvangen.
Het resultaat: gemiddeld € 288 per maand meer
Over de jaren 2017 tot en met 2023 bedroeg de variabele uitkering gemiddeld € 975,32 per maand. Dat is € 288,25 per maand meer dan de vaste uitkering waarvoor hij had kunnen kiezen. Over die zeven jaar komt dat neer op € 24.212,16 extra pensioen.
In de tabel hieronder zie je de rendementen en de uitkering per jaar. Resultaten uit het verleden bieden uiteraard geen garantie voor de toekomst.
Ook een slecht beursjaar zit in deze cijfers
2022 was een fors correctiejaar: aandelen daalden en door de sterk gestegen rente daalden ook de obligatiekoersen. Het gevolg: de uitkering voor 2023 viel zo'n 19% lager uit dan in 2022.
Maar let op twee dingen. Ten eerste had de gestegen rente ook een voordeel: er wordt sindsdien met een hogere projectierente gerekend, wat de herrekende uitkering ondersteunt. Ten tweede bleef de uitkering ook ná die daling (€ 919,65) nog altijd ruim boven de vaste uitkering van € 687,08 waarvoor in 2017 gekozen had kunnen worden.
Wat zegt dit voor jouw keuze?
Deze cijfers laten precies zien wat een variabel pensioen is: gemiddeld een flink hogere uitkering, met zichtbare schommelingen onderweg. De kernvraag is niet of de beurs volgend jaar stijgt, maar of jij een lager jaar kunt en wilt opvangen. Lees daarvoor wanneer een variabel pensioen geschikt voor je is, of kies voor de middenweg: een combinatie van vast en variabel.
Benieuwd naar de actuele aanbiedingen voor jouw kapitaal? Vergelijk vast en variabel pensioen online.