Belasting en lijfrente - waar moet je op letten?

Met een lijfrente spaar je op een fiscaal voordelige manier voor een aanvullend pensioen. De inleg is (onder voorwaarden) aftrekbaar van je belastbaar inkomen, terwijl de uitkeringen pas later belast worden. Dat belastingvoordeel maakt lijfrente aantrekkelijk — maar alleen als je het goed regelt.

Op deze pagina leggen we uit hoe het werkt met belasting, aftrekbaarheid, belastingheffing bij uitkeren, en wat er gebeurt bij afkoop of fouten in de aangifte.

Fiscaal voordeel bij inleg

De kern van het voordeel zit in het verschil tussen belasting bij inleg en belasting bij uitkering.

Als je nu geld inlegt op een lijfrente (bankspaarrekening, beleggingsrekening of lijfrenteverzekering), mag je die inleg aftrekken in box 1 — tot het bedrag van je jaarruimte of reserveringsruimte. Je krijgt dan tot maximaal 52% van je inleg terug van de fiscus.

De voorwaarde is dat de uitkering (meestal na je AOW-leeftijd) wel weer belast is in box 1, maar dan:

  • tegen een lager belastingtarief (je hebt vaak minder inkomen);
  • zonder AOW-premie (als je al AOW ontvangt);

Conclusie : de aftrek nu is vaak hoger dan de belasting straks — dat levert netto voordeel op.

Jaarruimte en reserveringsruimte

Je mag alleen lijfrente-inleg aftrekken als je voldoende jaarruimte hebt.

Jaarlijks mag jouw pensioen, afhankelijk van je inkomen, aangroeien met een bepaald percentage. Als je dat niet volledig doet, omdat je bijvoorbeeld zzp-er bent of omdat jouw werkgever geen volledige pensioenvoorziening aanbiedt ontstaat er ruimte voor aanvulling. Dat wordt jaarruimte genoemd.

Bereken eenvoudig jouw jaarruimte met onze handige tool.

Box 1 (werk en inkomen)

Lijfrente is een inkomensvoorziening en valt fiscaal gezien in box 1. Je trekt je inleg op een lijfrente ook af van je inkomen in box 1. Je krijgt dus een (groot) deel van je inleg terug van de fiscus.

Lijfrenteuitkeringen zijn belast

Als je met pensioen gaat en je jouw lijfrente laat uitkeren als aanvulling op je inkomen, dan zijn de uitkeringen belast als inkomen in box 1.

De bank of verzekeraar houdt de belasting in en je ontvangt een netto uitkering op je rekening.

Lees ook: Hoeveel belasting betaal ik over mijn lijfrente?

Geen box 3 (vermogensbelasting)

Het opgebouwde lijfrentekapitaal telt niet mee voor box 3. Je betaalt dus geen vermogensbelasting over je lijfrente.

Vergeten om lijfrente af te trekken?

Het komt regelmatig voor dat mensen hun lijfrentepremie of -inleg vergeten op te geven bij hun belastingaangifte. Dat is zonde, want je mist het belastingvoordeel, terwijl je later wél belasting betaalt over de uitkering.

Dan betaal je dus twee keer: geen aftrek bij inleg, wél heffing bij uitkering.

Lees wat je kunt doen:

Help, ik ben mijn lijfrente vergeten af te trekken

Revisierente bij afkoop

Een lijfrente is bedoeld om te dienen als pensioenaanvulling. Als je het kapitaal tussentijds toch afkoopt (bijvoorbeeld bij emigratie, arbeidsongeschiktheid of cashnood), ziet de Belastingdienst dit als een breuk van de fiscale afspraak.

Gevolg:

Je betaalt inkomstenbelasting over de waarde in één keer

Daarbovenop rekent de fiscus 20% revisierente (een boete over het genoten fiscale voordeel)

Lees meer: Lijfrente afkopen – wat zijn de gevolgen ?

Wat als je een oud-regime lijfrente hebt?

Heb je een lijfrente die onder het oud regime valt (afgesloten vóór 1 januari 1992)? Dan gelden soepelere regels. Je mag in veel gevallen:

  • het kapitaal ineens opnemen (zonder revisierente)
  • schenken aan anderen, bijv (klein)kinderen
  • zelf kiezen wanneer je laat uitkeren
  • zelf bepalen hoe lang de uitkering duurt (ook korter dan 5 jaar)

Lees hier meer: Oud-regime lijfrente – regels en mogelijkheden

Overgangsrecht 2006 en 2014

Door wijzigingen in de belastingwetgeving gelden er aanvullende regels:

2006: de overbruggingslijfrente is grotendeels afgeschaft.

Alleen lijfrentes waarin de laatste inleg vóór 2006 heeft plaatsgevonden mogen nog gebruikt worden voor de overbruggingslijfrente.

Is er na 2006 nog wel geld gestort op lijfrente? Dan kan de verzekeraar een saldoverklaring opstellen, waarin duidelijk wordt met welk deel van de lijfrente er overbrugt mag worden.

Lees meer over de overbruggingslijfrente .

2014: je mag lijfrente moet ingaan in het jaar van AOW-leeftijd

In 2014 is er wederom een strengere wet in werking getreden.

Een tijdelijke oudedagslijfrente mag niet langer ingaan in het jaar waarin je 65 jaar wordt, maar moet starten in het jaar waarin je de AOW-gerechtigde leeftijd bereikt.

Ook hier geldt een overgangsregeling. Is er geld gestort op de lijfrente na 2014? Dan mag dat deel niet gebruikt worden voor een tijdelijk oudedagslijfrente op 65 jarige leeftijd. Het mag alleen met het deel dat is opgebouwd van voor 2014.

Vragen over belasting en lijfrente?

Met alle wetswijzigingen en uitzonderingen is lijfrente soms best complex. Heb je vragen over jouw fiscale mogelijkheden, vergeten aftrek, afkoop of belastingdruk?

Bel met één van onze lijfrente-experts: 085 – 760 7600

Of gebruik onze lijfrente-tool om direct te berekenen wat voor jou mogelijk is

Logo van Moneywise.nl
...

Bel ons met al je vragen

085-760 7600
Volg ons